Ruimtevaart en Technologie

we houden je op de hoogte

Space Shuttle Atlantis (OV-104)

De Atlantis is de vierde spaceshuttle die in gebruik is genomen en is vernoemt naar het schip van de Woods Hole Oceanographic Institute in Massachusetts dat voer van 1930 tot 1966. De tweemaster was het eerste Amerikaanse Oceanografisch onderzoeksschip. Dit schip was één van de laatste zeilschepen die voor dit doel gebruikt werd, vooral door de komst van het stoomschip werden zeilschepen veel minder gebruikt. Het stalen zeilschip was ruim 42 meter lang en negen meter breed om de stabiliteit van het schip te vergroten. Er waren 17 bemanningsleden aanboord en was er ruimte voor 5 wetenschappers. De wetenschappers werkte in twee grootte laboratoria die aanboord waren en onderzochten daar watermonster op leven in de Oceaan en monsters van honderden meters diep op zeedieren. De watermonsters werden van verschillende dieptes en temperaturen gehaald en gaven meer inzicht in het bruisende leven van de Oceaan. De bemanning gebruikte ook als eerste sonarapparatuur om de zeebodem in kaart te brengen. Het ruimteschip Atlantis heeft de geest van dit schip voortgezet door haar verschillende belangrijke reizen, zoals de Galileo planetary explorer missie in 1989 en het uitzetten van het Arthur Holley Compton Gamma Ray Observatory in 1991. De Atlantis heeft in het dagelijkse leven een meer statische naar en noemt men haar OV-104 wat staat voor Orbiter Vehicle 104. De shuttle weegt leeg 68.635 kg en 77.564 kg met de motoren gemonteerd. De Atlantis heeft kunnen profiteren van de ervaringen van haar voorgangers, de Enterprise, Columbia en Challenger. Bij de lancering weegt de Atlantis ruim 3500 kg lichter dan de Columbia. De ervaringen die zijn opgedaan bij het monteren van de andere shuttles heeft bovendien een besparing van 49,5 % aan mankracht opgeleverd (in vergelijking met de Columbia). Er is veel bespaard door veel meer hittewerende dekens te gebruiken in plaats van hittewerende tegels. Tijdens de constructie van de Discovery en de Atlantis maakte de NASA gebruik van verschillende leveranciers die reserve onderdelen konden leveren om reparaties te kunnen uitvoeren aan de shuttle bij een beschadiging. De waarde van deze opdracht was ruim 389 miljoen dollar en bestond uit het leveren van reserve onderdelen voor reserve achterromp, middenromp, voorste romp helften, staartvin, vleugels en flaps. Deze onderdelen werden later gebruikt in de Endeavour shuttle. Atlantis werd naar Californie gestuurd om daar aangepast te worden. Daar werd de remparachute, leidingen en meer dan 800 nieuwe tegels en dekens van het hitteschild geplaatst en nieuwe isolatie voor de landingsgestel deuren gemonteerd. Ook werd het frame van de Atlantis verstevigd. In totaal zijn er 165 modificaties aan de Atlantis gedaan in 20 maanden tijd. [ Bron: NASA ] Meer informatie: ♦ De Spaceshuttle vloot van de NASA ♦ Discovery (OV-103) ♦ Endeavour (OV-105)

Leave a Reply